Nieuw bekostigingssysteem ziekenhuizen en specialisten

Nieuw bekostigingssysteem ziekenhuizen en specialisten

Weg met de tarieven, leve de DBC’s !

De aanbodgestuurde budgettering van de gezondheidszorg wordt per 1 januari 2003 vervangen door contracten tussen verzekeraars en zorginstellingen. Diagnose-behandelcombinaties zijn daarbij belangrijke hulpmiddelen. Het is van het grootste belang dat de overheid de huidige budgettering daadwerkelijk loslaat. En als ziektekostenverzekeraars echte, risicodragende ondernemers worden, moeten zij ook vrij zijn in het bepalen van de nominale premie. Professor Lense Koopmans over de nieuwe bekostiging van de medisch specialistische ziekenhuiszorg.

Diagnose-behandelcombinatie (DBC) zijn (beschrijvingen van) zorgproducten met bijbehorende kosten van zowel het ziekenhuis als de medisch specialist. Het registreren van de verschillende DBC’s zal leiden tot transparante zorg en heldere financiering van ziekenhuizen en medisch specialisten.Met ingang van 1 januari 2003 moet een DBC-syteeem operationeel zijn. Die afspraak tussen VWS en de betrokken partijen was de aanleiding voor het landelijk congres ‘Project DBC 2003’. Professor Lense Koopmans is onafhankelijk voorzitter van de Stuurgroep DBC, die bestaat uit vertegenwoordigers van het ministerie van VWS, de NVZ Vereniging van Ziekenhuizen, de Vereniging Academische Ziekenhuizen, de Orde van Medisch Specialisten, Zorgverzekeraars Nederland en (als adviseur) het College Tarieven Gezondheidszorg.Koopmans schetste in zijn presentatie op het congres de (historische) context van de bijeenkomst, waarin duidelijk wordt wat het belang is van de DBC-operatie: “Het invoeren van producttyperingen en de daarbij behorende kostprijsbepaling betekent een omslag van een macro-economische naar een bedrijfseconomische benadering.”

Politieke ondeugd

Tot het midden van de jaren zeventig heeft de gezondheidszorg zich weten te onttrekken aan enigerlei vorm van (financiële) normering: hogere uitgaven leidden vanzelfsprekend tot hogere premies. Bij de voorbereiding van de rijksbegroting in 1976 bleken de collectieve lasten, waaronder die van de gezondheidszorg, echter zodanig te stijgen dat moest worden ingegrepen. Onder druk van de bedreiging van werkgelegenheid en welvaart besloot het kabinet Den Uyl dat de stijging van de collectieve lasten nog slechts maximaal één procent van het nationale inkomen mocht zijn. Koopmans: “Daarmee werden de kosten van de gezondheidszorg definitief betrokken in de nationale prioriteitenafweging. Dat was aanleiding voor de jaarlijks terugkerende bezuinigingsoperaties bij ziekenhuizen, medisch specialisten en apothekers en ook voor het ontstaan van wachtlijsten. De praktijk heeft in de afgelopen jaren laten zien dat het huidige financieringssysteem met die rigide budgetten op gespannen voet staat met de Ziekenfondswet (ZFW) en de AWBZ. Iedere verzekerde heeft immers aanspraak op de zorg waarvoor hij verzekerd is.” Koopmans noemt de spanning tussen het taakstellend macro-budget voor de gezondheidszorg en de wettelijke (open eind) regelingen ZFW en AWBZ ‘een voorbeeld van een bekende politieke ondeugd: overpromising and underfunding.“Het financieringsmodel van opgelegde schaarste, zoals Koopmans het noemt, is niet langer houdbaar, getuige ook de succesvolle rechtszaken van verzekerden. Ook andere sprekers tijdens het congres noemden de overgang naar vraagsturing onvermijdelijk en hoogst noodzakelijk. Koopmans: “Die omslag wordt al jaren met toenemende felheid en met toenemend succes bepleit door minister Borst. Maar het ministerie van Financiën heeft nog steeds de grootst mogelijk moeite het huidige sturingsmechanisme los te laten. En de politieke hypocrisie is verpletterend. De politici die nu schande roepen over de wachtlijsten, zijn dezelfden die tot voor kort de bezuinigingen in de gezondheidszorg ondersteunden.”

Geen plafond

Geen budgetteringssysteem meer, maar vraagsturing in de zorg. Koopmans noemt de uitgangspunten die de stuurgroep stelt bij die toekomstige marktwerking. Verzekeraars (de voormalige ziekenfondsen) sluiten inkoopcontracten met zorgaanbieders en zijn alle voor 100 procent risicodragend. De bepaling in de Ziekenfondswet dat verzekeraars die failliet dreigen te gaan, een beroep kunnen doen op de algemene kas, moet verdwijnen. Koopmans: “Zorgverzekeraars worden dus echte ondernemingen. Ze dragen risico en kunnen failliet gaan. Maar aan de andere kant mogen ze ook reserves vormen die ze weten te bereiken door doelmatig beheer en effectief inkoopbeleid. Daarmee kunnen ze tegenvallers opvangen en hun continuïteit waarborgen.” Voor de stuurgroep hoort daar ‘vanzelfsprekend’ nog een andere voorwaarde bij: ziektekostenverzekeraars moeten zelf de hoogte van de nominale premie kunnen vaststellen. “Als verzekeraars kunnen worden aangesproken op hun leveringsplicht en op aanvaardbare wachttijden, dan moeten ze ook een instrument hebben om aan die verplichting te voldoen. Bij vraagsturing past daarom geen plafond op de nominale premie.”

Heldere financiering

De DBC-registratie vormt vanaf 1 januari 2003 de basis voor een nieuw bekostigingssysteem van de ziekenhuizen en specialisten. Dat betekent dat er een einde komt aan de bestaande financieringssystemen voor ziekenhuizen en specialisten. Aan elke stap in het zorgproces – tussen opname en ontslag – hangt dan een prijskaartje. Ook de werklast van de specialist, in combinatie met een uniform uurtarief, wordt aan de DBC’s gerelateerd. Dankzij dit kostenmodel is precies duidelijk hoeveel de behandeling in zijn totaliteit kost. Uiteindelijk zal dat leiden tot een heldere financiering van ziekenhuizen en een rechtvaardiger honorering van specialisten. Momenteel zijn er per ziekenhuis en per discipline grote verschillen in de betaling van specialisten.“Diagnose-behandelcombinaties zijn ook belangrijke instrumenten voor de totstandkoming van contracten tussen verzekeraars en zorginstellingen”, zegt Koopmans. “Ze maken transparant wat zorginstellingen te bieden hebben en tegen welke prijs. Dat maakt het voor verzekeraars mogelijk om prijzen te vergelijken en scherpe contracten af te sluiten.” Koopmans weet als geen ander wat het betekent als ‘de politiek’ niet volledig doet wat zij met de mond belijdt. Hij herhaalt de waarschuwing die hij tijdens het congres aan ‘Den Haag’ liet horen: “Voor het welslagen van het DBC-project is het van het grootste belang dat de overheid de huidige budgettering per 2003 ook daadwerkelijk loslaat.” Weg met de Wet Tarieven Gezondheidszorg dus, als het aan de voorzitter van de stuurgroep ligt. “Als er geen zekerheid bestaat over de invoering van de nieuwe wijze van bekostiging van ziekenhuizen, en de rol van DBC’s daarin, dan zal niemand bereid zijn zich hiervoor in te spannen.”

DBC-registratie biedt méér voordelen

De transparantie in de zorg, die met de DBC-registratie ontstaat, biedt volop mogelijkheden voor medische managementinformatie, verbetering van processen binnen de ziekenhuizen en kwaliteitsbeleid.Aan de hand van elke afzonderlijke diagnose-behandelcombinatie kan namelijk een gemiddeld verrichtingenprofiel worden samengesteld. Dat profiel geeft informatie over de aangevraagde onderzoeken en verrichtingen, de doorlooptijd in de polikliniek en de gemiddelde verpleegduur. Met deze informatie kan het zorgproces worden geëvalueerd en zo nodig worden bijgesteld. Het systematisch registreren van de verrichtingen van de medisch specialist en de daarmee samenhangende behandelingen, geeft de mogelijkheid het werk beter op elkaar af te stemmen en de doorlooptijd van de totale behandeling terug te brengen. Het vergelijken van de verrichtingenprofielen met de standaarden en richtlijnen van de wetenschappelijke verenigingen kan bovendien bijdragen aan kwaliteitsverbetering.

Tussen nu en 2003

In de afgelopen jaren is door de verschillende ziekenhuizen al hard gewerkt aan de producttyperingen en de DBC-registratie. Sinds de instelling van de Stuurgroep DBC 2003 door minister Borst, is de ontwikkeling van DBC’s in een stroomversnelling geraakt.De wetenschappelijke verenigingen hebben DBC-typeringslijsten voor hun vakgebied opgesteld. Van de urologen werkte in het najaar van 1999 al 94 procent met de DBC-registratie. Vanaf 1 januari 2001 zullen ook de medisch specialisten in de ‘koplopersziekenhuizen’ dat gaan doen. Een half jaar later worden de DBC-lijsten door de diverse wetenschappelijke verenigingen geëvalueerd en zonodig bijgesteld. Deze koplopersziekenhuizen ontvangen van het ministerie van VWS een bijdrage in de kosten. Het gaat daarbij onder meer om aanpassing van het Ziekenhuis Informatie Systeem aan de DBC-registratie.Per 1 januari 2002 gaan alle ziekenhuizen in Nederland met de DBC’s aan de slag, waarna op 1 januari 2003 met de financiering op basis van DBC’s wordt gestart.

Bovenstaande artikel is gepubliceerd in VWS Bulletin, nummer 11 van 8 december 2000.